
Proloog
Vroeger was er altijd vrede geweest in Fantaisië. De draken gingen om met de
elven,de kabouters met de nimfen(die zelfs wel eens met elkaar trouwde) en de
piraten lieten de zeemonsters met rust. Ja, vroeger was alles goed geweest. De
inwoners van Fantaisië kende geen ruzies,onrust of laat staan meningsverschillen!
Het waren allemaal dingen die ze niet hadden, niet kenden. Voor wij mensen was
als het Fantaisië het paradijs. Je kwam er als inwoner niets tekort. Eten was
er in over vloed en als je iets wilde kon je het zo tevoorschijn halen. Maar in
Fantaisië waren geen mensen. Of tenminste... De inwoners van Fantaisië
bestonden uit vele wezens. En dan voornamelijk wezens zoals:
draken,piraten,kabouters,zeemonsters,dinosaurussen,elven,nimfen,vampiers en nog
meer van zulke "beesten". Fantaisië was een wereld vol magie. De baas
over heel Fantaisië was Magic. Magic wist alles van magie,de bewoners en de
geheimen van Fantaisië. Dat maakte haar behoorlijk slim en machtig. Tegen Magic
kon niemand het opnemen. Niet dat dat nodig was. Niemand haalde het ooit in zijn
hoofd om ruzie te maken. Waarom zouden ze? Ze hadden toch alles wat hun hartje
begeerde. De wezens in Fantaisië kende geen macht of haat. Het bestond niet
voor hun, ze wisten niet eens wat het betekende. Ze kende alleen goed en vrede.
De enige die van haat wist was Magic. Zij wist wat er in de andere werelden
gebeurde. Zij alleen kende de verschrikkelijke eigenschappen van de mensen. De
andere wezens van Fantaisië wisten niet eens dat er mensen waren, ze wisten
niet dat er nog andere werelden waren. Ze hoefden het ook niet te weten, het
was niet van belang en de inwoners vroegen er ook niet naar. Waarom zouden ze
ook? Fantaisië was immers het paradijs, ze kwamen niets te kort en van klagen
wisten ze ookal niets af. Alles was onvoorstelbaar goed. Maar de enige die wist
dat dat niet altijd zo kon blijven was Magic. Zij wist als enige dat er iets
speciaals naar Fantaisië zou komen. Iets wat alles veranderen zou. Iets wat de
slechte kant in Fantaisië bracht. Dat ene wezen zou de eerste oorlog aan maken.
Magic zag het allemaal in haar dromen, ze wilde het niet zien, ze wilde het
tegenhouden. Maar het lukte niet, het bleef maar komen. Elke nacht lag ze er
wakker van. Ze wilde niet dat haar volk naar de knoppen ging. Dit mocht niet
gebeuren. Magic deed alles om het tegen te houden, maar dat lukte niet.
Toen op een dag werd haar voorspelling werkelijkheid. Een raar wezen verscheen
plotseling op Fantaisië. Het was klein en zag er enorm schattig uit. Ze leek
wat op de elfjes en daarom namen de wezens aan dat het wel een elf moest zijn.
Maar die nacht overleedt Magic. Alle haat en onrust kwam vrij in Fantaisië. Ze
waren niet langer meer veilig. Ze zouden niet langer meer haatloos zijn.
Langzaam maar zeker zou de haat hun overnemen, totdat ze stierven. Stierven van
ongelukkigheid en macht! Net zoals Magic gestorven was...
De wezens hielden het rare wezen verantwoordelijk. Zij moest het gedaan hebben,
het kon niet anders! De draken kregen plots ruzie met de elven, de kabouters en
de nimfen konden elkaar niet meer uitstaan en de piraten en de zeemonsters
waren niet zo rustig meer. De enige draak die nog in het elvendorp bleef wonen
was Bruni. Het rare wezen kwam bij de elven wonen. Zij dachten namelijk dat het
een van hun was. Maar dat was het niet...
Bij de test der Magie slaagde het wezen niet. Terwijl de andere elven dat wel
deden. Zij kregen vleugels en het wezen niet. Het wezen wist niet wie ze was,
ze wist niet wat ze hier deed. Ze voelde zich alleen en hopeloos. Maar toch
mocht ze nog bij de elven blijven wonen. Zij zagen het wezen als hun
familielid. Ze was dan wel niet precies een van hun, maar toch ze hoorde erbij.
Het wezen werd steeds gelukkiger, maar toch dat hopenloze nieuwsgierige gevoel
bleef. Wie was ze? Waar kwam ze vandaan? En het allerbelangrijkste waarom had
zij geen magie? Maar haar vragen konden niet beantwoord worden, de enige
persoon die het wel geweten had was dood.
Ik had medelijden met het rare wezen. Ik voelde net of ik met haar te doen had.
Ik keek toe, maar er was niets wat ik doen kon. Ik was hopenloos. Jaren en
jaren leefde het raren wezen bij de elven. Nu was het 16 lentes. Iedereen was
afgestudeerd in magie, behalve het wezen.... Het wezen werd groter en groter en
begon steeds meer op de elven te lijken. Ondanks haar niet magische vermogen.
En
wie dat wezen dan wel niet is? Dat ben ik.
Hoofdstuk 1:
Was alles maar anders...
Destiny zat goed verborgen op een tak. Haar benen bungelde heen en weer, maar
dat was dan ook het enige vrolijke aan haar. Haar gezicht hield ze verborgen
achter een reusachtig blad. Niemand mocht haar zo zien. Ze zou vast uitgelachen
worden. Tranen stroomden over haar wangen, maar ze wilde niet dat iemand ze
zag! Dan werd het allemaal nog erger en dat kon Destiny echt niet aan. Destiny
was namelijk het rare wezen. Niemand wist precies wat ze was, maar de
alle volken behalve de elven hadden gevonden dat ze weg moest. Destiny
herrinderde het nog alsof het gisteren pas gebeurt was. Vanaf het moment dat ze
aangekomen was in Fantaisië-op een manier die niemand wist hoe- hing er een
rare sfeer in Fantaisië. Destiny was nog klein en ze had niet alles goed kunnen
onthouden. Maar die blikken, die afschuwelijke hatelijke blikken! Ze was ze
niet vergeten en om eerlijk te zijn. Elke dag beleefde ze die blikken opnieuw.
Want ondanks dat de elven besloten hadden haar op te nemen in de groep had ze
niet echt veel vrienden. Ze was het typische voorbeeld van een buitenbeentje en
de meeste elven namen alle kansen om Destiny te pesten. Ze grepen ze met beide
handen aan en soms leek het echt of zij er beter van werden. Maar Destiny werd
er alleen maar slechter en slechter van. En dan was er ook nog eens niemand bij
wie ze terecht kon! Met Bruni kon Destiny het dan wel perfect vinden(ze waren
zelfs vrienden) maar toch had ze hem nooit dingen verteld. Ze wist niet of hij
dat allemaal wel horen wilde. Een ander zou haar pijn vast op vatten als
gezeur, en waarom ook niet? Ze zou op zich ook nog wel terecht kunnen bij
Kalisto. Hij was de enige elf met wie Destiny echt om ging. Destiny vond hem
leuk. En dan niet zomaar leuk, maar dan echt heel heel heel leuk! Maar ze wist
niet of ze hem wel leuk mocht vinden, hij was immers al zo lang haar vriend. En
trouwens Kalisto was ook een Philo. Zijn vader was de grote baas van de elven.
En meneer Philo wilde het beste voor zijn zoon. En geloof me, Destiny zag hij
niet als het beste. Hij haatte haar, en dat was dan nog zachtjes gezegd. Zijn
vrouw had hem overgehaald Destiny bij de elven onder te brengen. Maar de eerste
dag dat Destiny bij de elven woonde vond hij dat het steeds slechter met ze
ging.
De inwoners van Fantaisië hadden haar schuldig gehouden voor de dood op Magic.
Ze bracht ongeluk werd er gefluistert. Ook waren er boze tongen die zeiden dat
ze gestuurd was door de demons uit het bos. Zelf wist ze niet wat ze geloven
moest. Ze wist niet eens wat ze was! Maar ze zou er wel achter komen! Ze ging
alles door zoeken. En ook al zou het bijna haar leven kosten, ze kwam het te
weten!
,,Destiny! Destiny! Ben je hier ergens?" Het was de stem van Kalisto.
Destiny schrok zich rot. Kalisto mocht haar zo niet zien! Ze was het niet waard
hem zo aan te kijken. Hij zou haar vast lelijk vinden, en Destiny wilde niet
dat Kalisto haar lelijk vond. Zelf was hij namenlijk zo knap. Destiny was
gewoon een lelijk ding vergelijken bij hem. Soms wenste ze dat hij haar
vriendje was, maar ze wist dat het niet kon. Ze wist dat het niet mocht. Maar
toch stiekem was dat een van haar grote wensen...
,,Destiny? Ik weet dat je daar zit. Kom nou maar, er is niks aan de hand."
begon Kalisto.
Destiny antwoorde niet. Ze wilde niet dat hij haar zag! Hij mocht haar gewoon
niet zien. Hij begreep gewoon niet wat er nou precies aan de hand was. En als
hij het al begreep dan wilde hij het misschien wel helemaal niet begrijpen. Ze
snapte zelf amper waarom ze nou eigenlijk aan het huilen was!
Het blad waar achter ze zich verschoven had werd weg getrokken en Kalisto
verscheen.
,,Daar ben je!" zei hij opgelucht.
Destiny knikte. ,,Daar ben ik."
,,Hee, wat is er?" vroeg Kalisto belang stellend.
,,Oh gewoon... Ik word weer eens uitgescholden." zei Destiny, alsof het
totaal niets voorstelde.
Kalisto zei niks. Het was duidelijk dat hij totaal niet wist wat hij zeggen
moest. Iets wat Destiny hem niet echt kwalijk nemen kon. Niemand zei iets tegen
haar. Ze waren allemaal bang dat ze ongeluk bracht. Alleen maar omdat de nacht
dat zij hier gevonden werd Magic overleden was. Dat moest toch gewoon toeval
zijn ja toch? Dat kon toch niet anders. Ze was toch geen raar wezen? Nee toch?
,,Weet je het is gewoon niet makkelijk voor mij. Iedereen denkt dat ik ongeluk
breng. Iedereen mijdt mij, iedereen doet net of ik niet besta! Denk je echt dat
dat makkelijk is? Je moeder mag mij dan wel hebben binnen gelaten maar ook zij
mag mij niet en dat weet je best Kalisto! En ik ben toch niets waard dus waarom
zou ze geen gelijk hebben? Ik kan niet eens een simpel rondje vliegen. Ik kan
niks Kalisto, ik kan helemaal niks!" zei Destiny boos.
,,Dat moet je niet zeggen Des. Je kunt zoveel dingen die ik niet kan. Zo kun je
geweldig tekenen en kan je ook nog eens heel hard rennen." zei Kalisto.
,,Ja, wat heb ik nou aan rennen? Hier in Fantaisië gaat het allemaal om
vliegen, niet om rennen!"
,,Maar daar kan jij toch niks aan doen."
,,Nee, maar het is wel zo en daar zal ik het mee moeten doen."
Toen was het weer stil. Kalisto wist weer niet wat hij zeggen moest. Hij wist
dat Destiny gelijk had, maar dat wilde hij haar niet zeggen. Hij wist dat hij
haar daarmee pijn zou doen en dat was wel het laatste dat Kalisto wilde.
,,Ik vind je niet waardeloos en je brengt ook geen ongeluk anders was ik vast
allang dood geweest." zei Kalisto na een tijdje.
Destiny deed een poging tot glimlachen maar het zag er meer uit als een ongelofelijke
rare grimas.
,,Sorry, ik stelde mij ook behoorlijk aan." zei Destiny. Eigenlijk vond ze
niet eens dat ze haar aanstelde maar misschien vond Kalisto haar wel stom. Hij
vond haar dan wel niet waardeloos maar dat hoefde dan nog altijd niet te
betekenen dat hij haar niet stom vond. Misschien was hij toch als alle andere.
Misschien spioneerde hij haar wel. Misschien vertelde ze alles wat ze ooit
tegen hem had gezegd wel aan zijn ouders! Nee, dat mocht ze niet denken.
Kalisto was nu al voor jaren een goede vriend van haar. Eigenlijk haar enige...
,,Ach, kan
ik me best voorstellen hoor." vertelde hij Destiny.
,,Oe, Kalisto en Destiny zitten gezellig naast elkaar!" zei een stem
plagerig.
Het was Bruni, de enige draak die nog diende onder de elven. Er was een enorme
ruzie geweest tussen de draken en de elven. Een ruzie die nu eigenlijk nog
steeds van gang was. Uit voorzorg voor hun welpen waren de draken naar het
oosten verhuisd, iets wat de elven weer bang zijn noemden.
Maar Bruni was achtergebleven. Hij was vast besloten om Destiny te gaan helpen,
wat er ook gebeuren zou. Hij wist dat hij voor eeuwig verbannen zou worden, hij
snapte het allemaal donders goed. Maar toch, kon hij dit wezen alleen laten?
Nee, duidelijk niet en zo kwam het ook dat Bruni haar overal naartoe bracht en
haar hielp met allerlei dingen.
Destiny stak haar tong uit naar de vuurdraak die gelijk deed of hij iets heel
schokkends zag.
,,Ach,Destiny ik heb een brief voor je. Ik weet niet wat het is wel weet ik dat
hij gericht is aan jou." zei Bruni.
Destiny keek hem raar aan. Een brief voor haar?! Dat was bijna onmogelijk.
Welke idioot zou haar nou een brief willen sturen. Zou hij misschien van
Kalisto zijn. Had hij haar misschien eindelijk een liefdesbrief gestuurd.
Hoopvol scheurde Destiny de envelop open hopend dat haar grootste wens in
vervulling zou gaan.
Beste Destiny Hagar,
Je zult je nu wel afvragen waarom je deze brief krijgt. Het is ook best raar en
om eerlijk te zijn weet ik zelf niet eens waarom ik je dit allemaal schrijf.
Maar ik vind wel dat je meer moet weten. Ik vind dat je het recht er op hebt.
Misschien schrijf ik je daarom wel. Ik weet veel niet. Vooral niet alles wat
jij zou moeten weten. Maar ik beloof je dat ik meer weet. Ik weet meer dan jij
nu weet, maar ooit hoop ik dat jij meer weet dan mij. Ik zal je alles vertellen
wat ik wel weet. Dat beloof ik je met heel mijn hart en ziel. Je zult je nu wel
afvragen wie of wat ik ben. Maar echt dat doet er niet toe! Daar zul je snel
genoeg achter komen. Dat weet ik dan weer wel. Het enige wat er echt toe doet
is dat je nu eindelijk de antwoorden gaat vinden waar je al zo lang naar zoekt.
Ik heb je bekeken, wel 16 lentes lang. Niemand wist ooit van mijn bestaan af.
Alleen een persoon..... Ik hoop dat je al kunt raden wie die persoon was.
Ik weet dat ik heel mysterieus en geheimzinnig doe. En echt het doet mij pijn
om niet gelijk eerlijk te zijn. Het doet mij pijn om 16 lentes lang niets
gezegd te hebben. Maar het is voor je eigen best wil. En ik hoop dat je straks
maar een klein beetje begrip daar voor kunt opbrengen. Ik zal je helaas nog
meer moeten vragen. Maar dat komt allemaal wel. Het is veel te gevaarlijk om in
deze brief meer informatie te zetten. Hoe graag ik het ook willen zou. Je hebt
geen idee hoeveel mensen jou wel niet in de gaten houden. Er is altijd kans dat
deze brief onderschept word. Ookal hoop ik dat Bruni hem ontvangt en hem gelijk
aan jou geeft. Als dat niet zo is hebben we pech gehad. Duizendenmalen meer dan
dat jij je kunt voorstellen.
Ik verwacht je om 8 uur waarneer de zon onder is gegaan bij het elvenmoeras.
Vriendelijke groeten.
Minuten lang
zat Destiny met de brief nog in haar handen. Ze had alles allang gelezen, maar
het drong niet eens tot haar door waar ze nu was. Het enige was tot haar door
drong was de informatie in de brief! Ze zou eindelijk antwoorden vinden, eindelijk!
Maar er was wel iets raars aan deze brief. Kon ze deze informatie wel
vertrouwen? Was het allemaal eerlijk spel wat hier gespeelt werd? Was het niet
gewoon een flauw geintje van een van de elven? Bruni zou het niet kunnen weten.
Hij vond namelijk dat hij de enige was die Destiny een beetje plagen mocht.
Voor Destiny was Bruni net de broer die ze nooit gehad had...
,,Wat staan erin?" vroeg Kalisto belangstellend.
,,Oh,gewoon niks." zei Destiny.
,,Niks?" vroeg Bruni met opgetrokken wenkbrauwen.
,,Ja, niks." zei Destiny zo overtuigend mogelijk.
Ze wilde Bruni en Kalisto niet zorgen laten maken. Zij zouden de brief ook maar
een beetje vaag vinden en begonnen zich vast al helemaal zorgen te maken. En
misschien wilde ze nog wel mee ook. Maar dit was iets wat Destiny alleen moest
doen. Als ze er naartoe ging dan. Ze vond het allemaal wel een beetje vaag.
Maar het kon allemaal belangrijk zijn. Ze had al zolang op iets meer informatie
gewacht. Ze wilde weten wie ze was, ze wilde weten wat ze hier deed en dan ook
nog eens alles over Magic!
,,Laat maar okè. Jullie komen het nog wel te weten, dat beloof ik." zei
Destiny vast besloten.
Als ze nu weg ging had ze alle tijd om er op tijd te zijn. Ze had totaal geen
zin om zich te hoeven haasten.
Ondanks dat ze geen zin had om zich te hoeven haasten was ze wel heel de tijd
bezig met rennen naar het moeras. Ze was gewoon nieuwsgierig. Misschien wel
iets te nieuwsgierig. Maar dat hoefde geen slechte eigenschap te zijn. En of
het nou een slechte eigenschap was dat kan haar helemaal niets schelen. Dan was
het dat maar! Waar het nu om ging was op tijd zijn bij het elvenmoeras. Ze
wilde dit alles gewoon zo graag weten. Haar hele toekomst kon er wel van
afhangen. Misschien zou ze nu eigenlijk te weten komen waar ze nou toch vandaan
kwam. Eindelijk na wel zestien lentes lang! Zestien lentes was een hele tijd
vond Destiny. Ze had zolang allemaal ellende moeten verdragen, meer dan een
normaal wezen in Fantaisië. Natuurlijk was het niet allemaal ellende geweest.
Ze kon zich nog goed herinderren toen ze Kalisto voor de tweede keer ontmoet
had. Het was nog maar 4 lentes geleden dat ze hem weer ontmoette. Ze waren
allebei 12 geweest en eigenlijk was het gewoon stom toeval dat ze elkaar tegen
kwamen. Kalisto Philo was heel rijk geweest, en dat was hij nu nog steeds. Toen
hij nog maar 12 lentes oud was geweest hadden er misschien wel tien bodygaurds
hem beschermd. Maar net die ene keer niet....
Hij was weggelopen, koppig en boos op zijn ouders die altijd zeiden wat hij
doen moest. Hij was niet zomaar een beetje boos, nee echt woedend! Als hij
Destiny niet tegen gekomen had, was hij misschien wel nooit iemand tegen
gekomen. Misschien was hij dan wel dood geweest. Destiny dacht maar snel weer
aan hun ontmoeting, dit wilde ze allemaal niet denken.
In zichzelf mompelend was Kalisto door de nacht gaan lopen. Ja, het was zelfs
geen dag meer geweest. De maan stond al hoog aan de hemel en het was zelfs al
donker buiten geweest. Destiny zwierf toen zowat elke nacht buiten. Ze had geen
plaats om te slapen en Bruni was toen voor één jaar op vakantie geweest. Zo
kwam het dat ze allebei mompelend door de nacht liepen. Allebei wisten ze niet
eens precies wat ze nou aan het doen waren. Maar ze waren allebei koppig,
ontzettend koppig. Terwijl ze allebei al een uur aan het lopen waren kwamen ze
elkaar tegen. Even leek het of ze elkaar niets te zeggen hadden maar op de een
of andere wonderbaarlijke manier begonnen ze toch met elkaar te praten. Destiny
was blij geweest dat ze Kalisto ontmoet had. Als ze eerlijk moest zijn wist ze
niet wat ze zonder hem moeten zou. Ze hoopte dat hij dat ook voelde, maar
Kalisto was populair bij zowat iedereen. Dat kwam eigenlijk omdat hij een Philo
was. Iedereen wilde daarmee wel bevriend zijn, ze konden je immers zo uit het elvendorp
zetten. Destiny was vroeger ook bijna uit het elvendorp gezet, maar toen had
mevrouw Philo er een stokje voor gestoken. Ze vond dat ze Destiny nog een kans
moest geven. Dat was allemaal nog maar gebeurt toen Destiny nog maar net
gevonden was. Meneer Philo had haar eerst toch het dorp uit gestuurt, maar met
een uitvoerig gesprek met zijn vrouw had ze toch maar weer terug mogen komen.
Ze hadden haar opgevangen, en verzorgde haar(voor zover je het verzorgen kon
noemen, ze kreeg eten en kleren maar meer ook niet). Ze had Kalisto onder geen
enkele voorwaarden mogen ontmoeten. En dat was toen ook nooit gebeurt. Jaren
hadden ze het bestaan van Destiny voor Kalisto achter gehouden. Toen Destiny
bij hun eerste ontmoetting haar verhaal had verteld was hij ook heel boos
geweest. Nog bozer dan dat hij van te voren al was. Maar ondanks alles had
Destiny hem toch gezegd dat hij maar beter terug naar zijn ouders kon gaan.
,,Het zijn toch je ouders. En ik zou blij zijn als ik er zelf had..." was
haar veel betekende uitspraak geweest. Hij had haar met open mond aangekeken.
Hij had zich geëxcuceerd voor zijn gedrag en beloofde dat ze elkaar snel weer
zien zouden. En dat was gelukkig ook gebeurt! Langzaam maar zeker begonnen ze
steeds closer te worden en Destiny begon Kalisto ook steeds leuker te vinden.
Daar was ze
dan eindelijk! Dit was het dan: het elvenmoeras! Het elvenmoeras was een plaats
waar weinig mensen kwamen. Ze geloofde dat dit de plek der ongeluk was. Sommige
die overtuigd waren van Destiny's onschuld in Magic's dood dachten dat Magic
hier eerst van het water had gedronken voor ze gestorven was. Dat was ook de
reden waarom hier niemand kwam. Maar er was nog een reden. Al eeuwen lang ging
het verhaal de rondte dat hier duistere waternymphen woonden. Nymphen die met
hun klanken je ziel overnamen en het afgaven aan de demonen van de onderwereld.
Dit verhaal was al van de rondte gegaan toen Magic nog steeds geleeft had. Toen
het allemaal nog vrede was in Fantaisië.
Destiny hoorde wat. Het kwam vanuit de bosjes! Allemaal geritsel en gefluister.
Destiny keek er met bange ogen naar. Ze wist niet wat ze hier nou van denken
moest. Was de brief dan toch allemaal een grote leugen geweest? Of waren het
die nymphen? Maar toen kwam er plots een hand uit de bosjes die een teken
maakte dat ze komen moest. Even wist Destiny niet wat te doen. Maar toen nam ze
toch het risico en liep naar de bosjes toe...
Tegenover haar zat een vrouw gewikkelt in doeken. Ze kon niet zien wie het was
maar toch had ze het gevoel dat ze deze vrouw ergens van kende. En dat was
raar, want de vrouw was zo in doeken gewikkelt dat je niet eens zien kon of het
wel daadwerkelijk een vrouw was.
,,Welkom," zei de persoon gewikkelt in doeken. De stem klonk erg
vrouwelijk dus het moest wel een vrouw zijn! Ze herkende de stem ergens van.
Van haar jongere lentes hier in Fantaisië. Maar ze had zoveel wezens hier
ontmoet. Voor namelijk elven dus het moest ook wel een elf zijn. Het moest
gewoon. Het kon werkelijk niet anders!
,,Ehm... hallo," zei Destiny. Ze wist niet goed wat ze zeggen moest.
Eigenlijk wist ze niet eens wat ze hier nou precies deed. Natuurlijk ze wou
dingen weten maar waarom nou net deze plek? Waarom zo verscholen in de bosjes?
Waarom was deze persoon gewikkelt in doeken? En als aller belangrijkste vraag:
Wat had dit te betekenen? Ze kon er allemaal geen antwoord op geven maar ze
hoopte dat ze dat straks wel zou kunnen. Daar kwam ze hier tenslotte voor om
antwoorden te krijgen op haar vragen. Maar zou ze wel antwoorden krijgen? Want
als ze eerlijk zijn moest vond ze dit zootje hier er behoorlijk verdacht uit
zien. Ze wist eigenlijk niet heel goed wat ze er nou van denken moest.
,,Ik heb je hier laten komen omdat ik meer weet Destiny," zei de stem
weer.
Destiny knikte.
,,Dat heeft U mij in de brief vertelt," zei ze. Het leek haar beter deze
persoon met U aan te spreken.
,,Ja, maar de brief was nogal vaag geschreven. Ik hoop dat je dat begrijpen
kunt," zei de stem.
Destiny knikte weer maar. Ze voelde zich een beetje ongemakkelijk bij deze
persoon maar toch ook weer veilig. Gek eigenlijk wat voor rare emoties je
tegelijkertijd voelen kon...
,,Ik wilde je graag helpen. Ik kan me namelijk best voorstellen in wat voor
situatie je zit. En ik weet meer Destiny, ik weet meer zoals ik je dus al
schreef. Ik kan je meer vertellen over Magic." zei de vrouw.
Destiny voelde zich blij. Eindelijk! Ein-de-lijk! Na die zestien lentes zou ze
dus toch meer te weten komen.
,,Ik kende haar. Ik kende haar heel goed. Het was niet jou schuld. Ze wist dat
dit gebeuren zou. Magic was ook maar een elf. Ookal had ze alle machten over de
magische krachten. Ze werd gek van alles! Gek. En daarom zette ze een plan in.
Een plan om de macht kwijt te raken. Meer wist ik niet. En nog steeds niet. Ik
weet niet of ze dood is of ergens anders is. Misschien wel in een andere
wereld. Wie zou het zeggen? Maar wat ik wel weet is dat jij het uitvinden gaat.
Niemand is ooit meer geweest in haar huis. Ik vind dat je daar zou moeten
kijken," zei de vrouw.
,,Wie bent U?" vroeg Destiny wantrouwend. Ze wilde het geloven. Maar wie
zei dat er niets ergs gebeurde. Moest ze deze vrouw wel vertrouwen?
,,Herken je mij dan niet?" vroeg de vrouw.
Destiny keek beter. En verdraaid! Ze kende deze mevrouw. Het was mevrouw
Philo...
,,Maar... maar... U bent mevrouw Philo," zei Destiny ongelovig.
Nu knikte mevrouw Philo.
,,En er is nog iets dat je weten moet. Ik ben Magic's zus...." zei ze.
Destiny
wilde wat schreeuwen ze wilde wegrennen, gillen,vragen wat dit allemaal te
betekenen had. Maar dat kon ze niet. Het ging gewoon niet. Wat als mevrouw
Philo nou echt de waarheid sprak? Maar kon dat toch wel. Magic's zus! Destiny
kon het gewoon niet geloven.
,,En wie weten dit nog meer?" vroeg Destiny nieuwsgierig. Ze wist niet
goed wat ze vragen moest. Laat staan iets zeggen. Het ging gewoon niet, er
waren geen woorden voor.
,,Niemand eigenlijk. Magic had krachten die ik niet had. Niemand zou het toch
geloven," zei mevrouw Philo waarna ze haar schouders ophaalde.
,,Maar had je dan geen contact met haar?" vroeg Destiny nieuwsgierig. De
vragen waren wel ineens opgekomen. Als een groot vragenvuur wat ineens in haar
hersens stroomde.
,,Jawel. Juist wel. We hadden veel contact met elkaar. Maar ik denk dat je dat
eigenlijk al wel kon voorstellen." zei mvr. Philo.
,,Nou eigenlijk niet," bekende Destiny eerlijk.
,,Oh, nou. Voordat jij hier kwam kon iedereen goed met elkaar opschieten. Er
was geen ruzie. Er was geen haat. Iedereen kende iedereen en dat was ook heel
gewoon. Iedereen kon goed met elkaar opschieten en we gingen allemaal vaak met
elkaar om. Dus zocht niemand er wat achter dat Magic en ik zo dik waren. Het
deed pijn Destiny. Het deed echt pijn! Maar ik kon niet anders. Dat ging gewoon
niet." vertelde Mevrouw Philo.
Destiny knikte zachtjes.
,,Ik denk dat ik dat wel begrijp," fluisterde Destiny.
Mevrouw Philo glimlachte vriendelijk. Destiny wist niet of ze het ook echt
vriendelijk bedoelde. Het was allemaal toch een raar verhaal, maar ze geloofde
het wel. Misschien was het stom, misschien was het slim. Het kon allemaal maar
ze zou het toch nooit weten. Ze wist niet of ze mevrouw Philo vertrouwen kon,
ze kon het niet raden. Maar toch waagde ze het erop. Zoiets kon je toch niet
verzinnen? Dat zou stom zijn, heel stom zelfs! Wie deed dat nou? Het zou goed
kunnen, alles kon hier. Maar ze wist het niet. Ze twijfelde meer dan ze ooit
doen zou. Dat wist ze dan wel weer zeker. Maar ze moest het erop wagen. Ze
wilde meer weten dus dit riscio moest ze nemen. Hoe gevaarlijk dat ook was.
,,Magic had ook geen echte vleugels," zei mevrouw Philo zacht.
Destiny keek haar geschrokken aan. Ze wist al helemaal niet wat ze hier van
denken moest. Alles wat mevrouw Philo kon doen was knikken.
,,Maar hoe vloog ze dan?" vroeg Destiny ongeloofvol.
,,Nepvleugels. Gemaakt door haar magische krachten. Die had ze dan weer wel.
Maar ik weet niet hoe," verklaarde mevrouw Philo.
Destiny kon haar oren niet geloven. Nog een gelijkenis met Magic! En wel een
hele rare ook. Wat had dit te betekenen? Waar sloeg dit in godsnaam op?! Was
het allemaal een grote grap? Wilde iedereen haar erin luizen. Wat was hier de
bedoeling van? Moest ze dit echt geloven? Was dit toch wel de echte waarheid.
,,Maar.." zei Destiny.
,,Vraag maar niets. Ik weet het ook niet allemaal. Onze moeder wilde er niet
teveel over praten. Het was topsecret snap je," viel mevrouw Philo in de
reden.
Destiny knikte maar weer. Ze wist niet goed wat ze doen moest. Ze wist helemaal
niets. Iniedergeval dan toch niet veel. Maar ze zou verdergaan met deze
informatie. Ze moest verdergaan met deze informatie.
,,Ik vind dat je naar Magic's hut moet. Niemand is daar naar haar dood geweest.
Misschien zijn er daar bewijzen," raadde mevrouw Philo haar aan.
,,Ik weet niet goed of dat wel zo'n goed idee is," gaf Destiny eerlijk
toe. Ze wist niet goed wat ze er mee aan moest. Er zouden misschien
aanwijzingen zijn. Maar wat als iemand haar tegenkwam op de heen- of terugweg?!
Dan zou het helemaal mis gaan. En het mocht niet mis gaan. Maar aan de andere
kant als ze niet ging zou ze niets te weten komen ook. En ze moest hiermee
verder! Ze moest meer weten. Niet alleen voor zichzelf, ook voor de andere.
Voor heel Fantaisië. Hun lot lag op haar schouders zonder dat iemand dat ook
maar door had. Als ze dit niet deed zou het misschien allemaal nog erger
worden. Als het al erger kon. De enige die nog een beetje naar haar omkeek
waren Kalisto en Bruni. De rest vermeidde haar alleen omdat ze dachten dat ze
iemand vermoord had. Om de een of andere rare reden. Destiny snapte er zelf ook
niet al te veel van. Maar ze hoefde ook niet alles te snappen. Ze wilde niet
eens alles snappen! Daar zouden vast namelijk nog meer misverstanden van gaan
komen. Die waren er nu toch al zoveel. Waarom konden al die overige elven toch
gewoon niet begrijpen dat zei Magic nooit vermoorden kon?! Ze was toen nog zo
jong geweest, er was gewoon geen reden voor. Of wel? Was die er wel maar had ze
het gewoon allemaal verdrongen? Dat kon natuurlijk ook nog. Nee, dat mocht ze
niet denken! Ze wist toch wel dat het niet waar was. Het kon gewoon niet waar
zijn. Het kon gewoon allemaal niet.
Mevrouw Philo begon dan eindelijk weer te spreken. Ze was een hele tijd stil
geweest, duidelijk wist ze niet goed wat ze tegen Destiny zeggen moest.
,,Misschien weet jij niet goed of het zo'n goed idee is kind, maar alsjeblieft
je moet mij vertrouwen. Het is van noodzaak! Je begrijpt het misschien nu nog
niet zo goed. En dat kan ik je niet kwalijk nemen, ik snap er zelf ook niet
veel van. Maar geloof me... het is echt het beste als je even kijken
gaat."
Destiny knikte maar. Ze wist niet wat ze anders doen moest. Het kwam ook
allemaal zo op haar af. Zestien lentes lang had ze hier helemaal niets van af
geweten. Mevrouw Philo had het gewoon al die tijd voor haar verzwegen. En
waarom?! Dat werd Destiny maar niet duidelijk. Was ze te jong om die dingen te
ontdekken? Wist Mevrouw Philo dan toch meer? Had ze werkelijk dingen verzwegen?
Destiny kon het gewoon niet begrijpen. Het was allemaal zo onwerkelijk. Was het
toch wel waar wat ze allemaal zei? Liep Destiny geen gevaar als ze besloot naar
Magic te gaan?
Maar ze moest het doen. Ze moest naar haar hut gaan en zoeken naar
aanwijzingen. Wat er ook gebeuren kon! Misschien was haar hut wel behekst, het
kon allemaal, maar dan had mevrouw Philo dat er toch wel bij gezegd?
Destiny wist niet meer goed wat ze denken moest. Dan was ze weer boos, dan zat
ze weer vol medelijden en de uren vlogen maar voorbij. Zonder dat er iemand ook
maar een woord zei. Allebei waren ze diep in gedachten. Ze dachten na over alle
weinige woorden die er vanavond gevallen waren. Weinig woorden misschien maar
wel allemaal met een diepe betekenis. De keuze van deze betekenis zou de
toekomst van heel Fantaisië bepalen. De wereld waar Destiny van hield, maar die
ze ook zo verachtte. De wereld die haar verdriet bracht, veel verdriet bracht!
Maar toch kon ze er niet stoppen van te houden. Net als van Kalisto, ze wist
dat het verkeerd was van hem te houden. Dat begreep ze best. Bovendien was hij
ook nog eens een goede vriend, haar enige goede vriend! Als ze hem kwijt raken
zou dan ging alles mis. Het was allemaal zo moeilijk voor haar. Iedereen
verwachtte zoveel van haar. Allemaal dingen die ze niet waar kon maken. Kon
zijn er wat aan doen dat ze niet vliegen kon?! Kon zij er wat aan doen dat ze
geen speciale magische krachten had?! Nee, maar toch werd ze als anders gezien.
Elven haatte haar, ze reageerde al hun gevoelens op haar af. En waarom?
Eigenlijk alleen zodat Destiny zich nog ellendiger voelen zou... Want een echte
reden voor dit allemaal was er niet. Maar toch, het leek wel of de elven er
verslaafd aan waren. Destiny probeerde zich in te houden. Ze probeerde niet in
tranen uit te barsten. Dat was het niet waard! Ze mocht niet langer laten zien
dat ze het er moeilijk mee had. Zeker niet nu Mevrouw Philo waarschijnlijk op
haar rekende. Als ze dit hele gedoe op wilde laten houden moest ze naar Magic's
hut gaan. En dat was dan ook precies wat ze doen ging...
De zon was
inmiddels al opgekomen, de vogels waren al bezig aan het fluiten maar Destiny
en mevrouw Philo zaten nog steeds in de bosjes. Geen een van hun beiden kon
zeggen hoe lang ze er nu al zaten. Het leken maar een paar minuten maar in
werkelijkheid besefte ze dat het wel uren moesten zijn. En in die uren was niet
veel gezegd, maar alle woorden hadden wel betekenis gehad. Destiny had achteraf
geen spijt dat ze gekomen was, ookal twijfelde ze nog steeds aan de eerlijkheid
van mevrouw Philo. Maar dat zou waarschijnlijk nooit veranderen, het was ook
allemaal zo ineens op haar afgekomen. Ze wist nog niet goed wat ze er allemaal
van denken moest. Maar haar beslissing stond vast, ze zou naar Magic's hut
gaan. Maar dat was nu geen goed moment, dat besefte ze maar al te goed. Er
waren misschien al wel elven op, wie zou het zeggen? Niemand was na Magic's
dood in haar hut geweest. Tenminste als ze mevrouw Philo moest geloven dan.
Maar als iemand Destiny in Magic's hut binnen zag gaan dan werd ze nog
verdachter gevonden en dat was nou net wat ze wilde tegen houden. Dat was een
van de redenen waarom ze besloten had toch naar Magic's hut te gaan. Maar als
ze dat deed zou het op een avond zijn waarneer niemand buiten liep. Iets van
een groot feest, ja het moest iets van een feest zijn waar iedereen naartoe
ging!
,,Ik doe het!" riep Destiny.
Mevrouw Philo maakte snel stt gebaren, maar knikte daarna goedkeurend.
,,Ik denk dat je nu gaan kan, ik blijf hier nog even zitten zodat het niet
opvalt," fluisterde mevrouw Philo extreem zachtjes. Destiny zwaaide maar
aan gebrek om iets beters te verzinnen en probeerde zo geluidloos mogenlijk uit
de bosjes te komen. Het moeras was zoals gewoonlijk uitgestorven. Ookal hoorde
je redenlijk enge geluidjes vanuit het water. Niemand wist wat dat precies
waren, sommige zweerden dat ze er stemmen hadden gehoord en andere beweerden
dat er dienaars van de duivel leefden. Destiny was er altijd best nieuwsgierig
naar geweest, maar toch leek het niet echt slim er te gaan kijken. En vooral
niet omdat boze tongen beweerden dat Destiny de leidster was van die rare
dingen in het moeras. Stel dat iemand haar zou betrappen terwijl ze probeerde
uit te vinden wat het was. Wie weet werd ze dan wel helemaal uit het dorp
gezet. En wat had ze dan nog?! De draken zouden haar misschien wel vermoorden,
ze wist niet wat er dan gebeuren zou. Ze wilde het niet weten ook, Destiny had
het al veel te druk met een manier te vinden om ongemerkt Magic's hut binnen te
komen. Toen Destiny nog maar twee minuten aan het lopen hoorde ze al een
bekende stem.
,,Ookal zo vroeg op?"
Destiny draaide zich om. Ze stond nu tegen over Kalisto! Haar hart maakte een
sprongetje en ze hoopte dat hij haar een briefje zou geven waarin hij haar haar
verkering vroeg. Maar toen dat uit bleef besloot ze zijn vraag maar te
beantwoorden.
,,Ach, ik kon eerlijk gezegd niet echt slapen." zei ze schouder ophalend.
Het was op zich geen leugen, ze had ook niet geslapen. Daar was dan wel een
andere reden voor als Kalisto denken zou, maar zelfs hij mocht het niet weten.
Hoeveel ze ook van hem hield! Ze zou het ook niet aan Bruni vertellen, het was
haar geheim! Wie weet zou het wel mislukken, en trouwens ze zouden zich toch
alleen maar zorgen maken. En dat was nou niet echt bepaald wat Destiny kon
gebruiken. Ze hoefde hun medelijden en zorgen niet, niet nu! Ze moest dit
alleen doen. Voor alle pijn die ze gekend had om anders te zijn, voor alle pijn
die ze nog steeds met zich meedraagde. Maar ook voor de ontzettende
nieuwsgierigheid. De nieuwsgierigheid die steeds maar begon te groeien bij elke
minuut dat ze aan het grote geheim dacht. Ze moest gewoon weten wie ze was! En
niemand die haar daar bij stoppen ging. Kalisto niet,Bruni niet,mevrouw Philo
niet, meneer Philo niet, niemand!
,,Oh, dat heb ik ook wel eens. Dat is best vervelend, maar ach... als ik wil
uitslapen heb ik daar altijd het recht toe." zei hij vriendelijk.
Destiny glimlachte.
,,Eigenlijk wilde ik je iets vragen..." zei Kalisto.
Destiny's hart maake een sprongentje. Dit kon niet waar zijn. Hij ging haar
toch niet echt verkering vragen?! Ze hoopte van wel, dan zou haar diepe wens
eindelijk uitkomen.
,,Heb jij mijn potje elvenstof nog gezien?" vroeg hij als of er niets aan
de hand was. En zo was het voor hem ook niet. Tenminste dat dacht Destiny, ze
wist niet dat hij daadwerkelijk iets anders willen vragen had...
,,Nee,"
gaf Destiny toe. Ze had het niet gezien. Ze had er ook helemaal geen aandacht
aan besteed. Wat kon haar zo'n stom potje nou weer schelen als er belangrijkere
dingen aan de hand waren. Dingen waar Kalisto helemaal niks van wist... En niks
van mocht weten ook. En dat deed Destiny nog wel het meeste pijn. Ze had hem
het liefst alles verteld. Van de brief tot het grote misterie van zijn moeder.
Maar dat maakte het allemaal nog ingewikkelder. Het feit dat de moeder van
Kalisto Magic's zus was geweest was niet voor niks stil gebleven. En dat voor wel
16 lentes lang. Daar zat meer achter. Iets wat niemand mocht weten. En daarom
kon ze het Kalisto niet vertellen.
Trouwens Kalisto zou zich er toch maar gelijk mee bemoeien. Hij zou zorgen dat
Destiny zich ervan af zette. Hij zou haar inpraten dat het misschien wel beter
was dat ze het niet wist. Ze kende Kalisto nou al zolang. Hij zou niet rusten
voordat hij Destiny hiervan af gepraat had en haar in veiligheid gebracht had.
Maar die zorg had Destiny heus niet nodig. Ze wist wel beter. Kalisto zou zichzelf
alleen maar in gevaar brengen! Dan was zij veilig ja, maar Destiny moest er
niet aan denken wat er gebeuren zou met Kalisto. En dan kwam er ook nog eens
bij dat Kalisto de volgende troonopvolger was. Destiny wist niet precies hoe
dat gegaan was. Voor zover zij wist was Magic altijd de koningin geweest. En
dat niet alleen van het elvendorp. Nee, van heel Fantaisië. Maar toen was ze
dus ineens gestorven... De eens zo machtige Magic, die altijd onverwoestbaar
geleken had was ineens gestorven. Dat was alles wat Destiny wist. Net als een
heleboel andere wezens in Fantaisië. Maar hopenlijk waren er wezens die meer
wisten. Wezens waarvan Destiny niet zou rusten voor ze ze vond. Want dit alles
was van noodzaak. Het was veel belangrijker dan elvenstof of slaapgebrek. Dat
laatste zou Destiny toch wel krijgen op haar zoektocht. Ze wist nu al dat als
ze dingen ontdekken ging dat die onmogenlijk onschuldig konden zijn. Maar ze
had nu zestien lentes lang geleden op vooroordelen die nooit hadden moeten
bestaan. En dan kwam er ook nog eens boven op dat Destiny niet wist wie ze was.
Maar ze zou niet rusten voordaar ze daar eindelijk achter gekomen was. Ze had
nu 16 lentes lang in onzekerheid geleefd. En dat moest nu maar eens over zijn.
Nieuwe tijden braken aan. Nieuwe tijden waar Destiny en Kalisto allebei nog
geen weet van hadden. De een iets meer van de ander, maar toch het ging hun
allebei aan. Het ging iedereen aan. Dit was nog maar het prille begin van een
strijd die heel Fantaisië aanging. De strijd van het onbekende...
Kalisto rommelde wat in zijn zakken en uit eindelijk had hij het elvenpotje te
pakken.
,,Oh hier is het," zei hij met een rood gezicht. Hij maakte een erg
nerveuze indruk maar Kalisto was echt niet de enige. Destiny was veel
zenuwachtiger dan normaal. Ze wist helemaal niet meer wat ze zeggen of doen
moest. Ze wist dat dit een speciaal moment was. Hierna zou alles anders worden,
dat was zeker. Ze zouden elkaar misschien wel maanden niet zien. En als ze
elkaar dan wel zagen dan was alles anders. Misschien was Kalisto dan zelfs wel
tot koning gekroond. Wie zou het zeggen? En dan zou ze daar binnen komen in
zijn paleis. Oog in oog met zijn vrouw... Eeuwig spijt van haar beslissing,
haar beslissing om Kalisto niet iets te vertellen. Maar het moest dan maar zo.
Het was beter dan dat hij om kwam in de strijd die er volgen zou. Zo zou hij
waarschijnlijk veilig blijven in een lot wat sinds zijn geboorte al bestond.
Het was gewoon niet anders, ookal deed het idee Destiny al bijna tranen
opzetten. Tranen die er uiteindelijk ook uit kwamen.
,,Wat is er?" vroeg Kalisto bezorgd.
,,Ach..." zei Destiny met een brok in de haar keel. ,,Ik kan niet veel
zeggen. Eigenlijk bijna niets. Maar ik hou van je! Ik hou van je en wil je
nooit meer kwijt! Maar ik kan niet anders ik moet dit doen," zei Destiny
vast besloten.
Kalisto had haar niet raar aangekeken, hij had niet eens gevraagd wat Destiny
moest doen. Hij nam haar alleen in haar armen en gaf haar een kus op haar
voorhoofd.
,,Ik hou ook van jou, met heel mijn hart. En ik zal wachten. Wachten tot je
hier bij mij terugkomt. En dan zal alles beter worden. Dan zal ik ze, als
koningin van het elvendorp, eens zeggen dat ze niet moeten sollen met Destiny
Hagar! Of beter gezegd Destiny Philo," zei hij.
Hoelang de omhelzing duurde kan niemand zeggen. Maar lang was het iniedergeval
wel. De zon was allang onder toen ze elkaar eindelijk los lieten. Allebei op
weg naar hun eindlot dat nog lang niet in zicht was... Wetend dat ze elkaar
ooit weer terug zouden zien!
Daar liep
Destiny dan, met nog steeds de tranen op haar gezicht. Het was nu al twee
minuten en 3 seconden geleden dat ze Kalisto verlaten had. Ookal leken het wel
uren te zijn. De tijd zonder hem was lang en vooral als je wist dat je hem
misschien nooit meer terug ging zien. Er kwamen steeds meer tranen bij en hoe
hard Destiny ook probeerde zich op haar queeste te concentreren het lukte maar
niet. De pijn was gewoon nog te hard en misschien zou het ook nog wel lang
duren voor hij eindelijk iets zachter was. Maar ze wist ook dat ze verder
moest. Ze kon hier niet al te lang blijven! Vroeger had ze altijd gedacht dat
ze hier veilig was... maar dat was niet lang meer zo. Net zo als ze vroeger
gedacht had dat elven aardig waren. Natuurlijk Kalisto was aardig, meer dan dat
zelfs. Hij was geweldig,super,lief,aardiger dan aardig,mooi,knap en eigenlijk
alles wat Destiny in een man wenste. Maar voordat ze ooit zouden kunnen gaan
trouwen moest ze deze queeste afmaken. Dat was haar levenslot! Het zou moeilijk
worden, dat besefte Destiny maar al te goed. Maar toch... ze was verplicht het
te doen, voor haar eigen bestwil en dat van Fantaisië. Het was gewoon van het
grootste belang dat ze aan haar zoektocht begon. En dat zo snel mogenlijk. Maar
toch zat het Destiny niet lekker dat ze Bruni geen gedag had gezegd. Zij en
Bruni waren ongeveer nog langer vrienden dan zij en Kalisto. En dat zei heel
wat. De manier hoe ze om ging met Bruni was ook totaal anders dan Kalisto, maar
toch wist ze dat ze spijt zou krijgen als ze geen gedag zeggen zou. Toch twijfelde
ze nog. Bruni maakte evenveel zorgen om haar dan Kalisto, ookal liet hij dat
niet vaak merken. Hij zou misschien wel mee komen en dit was iets wat Destiny
alleen moest doen! Of misschien toch niet, het was allemaal zo verwarrend. En
diep in haar hart wist Destiny dat het alleen nog meer verwarrender zou worden.
Maar langzaam maar zeker zou alles duidelijk worden en dat was haar
uiteindelijke goal. Nou ja, het liefst zou ze natuurlijk gaan om Kalisto zo
snel mogenlijk weer terug te zien. Hem te voelen, hem misschien zelfs wel te
zoenen en als het maar even kon met hem trouwen. Dan zou Destiny echt de
gelukkigste vrouw van Fantaisië zijn! Maar het zou nog wel even duren voordat
haar missie eindelijk voltooid was. Eigenlijk was hij nog maar net begonnen, ze
moest alleen nog even Bruni gedag zeggen en dan zou ze waarschijnlijk wel naar
Magic's hut gaan. Het was dan eindelijk zover, ze zou meer antwoorden krijgen!
Het moment was eindelijk aangebroken, het moment waarop ze nu al redelijk lang
gewacht had. Ze had er zelfs nachten niet van kunnen slapen zo enthoussaist was
ze geweest. Maar ze mocht zich niet laten overspoelen door enthoussaisme, dat
was namelijk de grote fout die queestegangers maakte. Als ze te enthoussaist
waren kon het nooit goed lukken. Maar Destiny wilde alles gewoon zo graag
weten. Alle narigheid moest gewoon maar eens over zijn! Destiny had er 16
lentes mee moeten leven en 17 zou gewoon veel te lang zijn.
Nu Destiny besloten had Bruni toch maar gedag te zeggen had ze nog een ander
probleem; namelijk, waar hing hij uit?! Het zou te gevaarlijk zijn om Bruni's
naam keihard te schreeuwen. Mensen zouden haar vinden en wie weet wat er dan
gebeuren ging. Destiny besefte maar al te goed dat als ze nu niet weg ging ze
misschien wel opgepakt werd. Dat had altijd kunnen gebeuren maar op je 16de
lente was je zo goed als volwassen in Fantaisië. En waarschijnlijk kon ze nu
wel achtervolgd worden en misschien werd ze wel veroordeeld tot de doodstraf.
Okè, het was misschien ver gezocht, maar misschien ook niet. Het was niet de
gewoonte om de toekomst te voorspellen. Alleen hele ervaren elven konden dat.
Magic had het waarschijnlijk wel gekund, ookal wist Destiny dat niet zeker.
Maar ze zou er achter komen. Als ze nu Bruni maar vinden kon. Maar dat was makkelijker
gezegd dan gedaan. Misschien zat hij wel ergens in een hele grote hoge boom te
slapen, en daar kon Destiny dus zonder vleugels echt niet in komen. Dat was
gewoon onmogelijk dat wist ze best. Eigenlijk had Destiny nooit geweten waar
Bruni altijd sliep. Hij was altijd naar haar gekomen en het was nooit andersom
geweest. Maar dat had Destiny beter wel een keer kunnen doen. Nu was het
namelijk te laat en wist ze niet waar ze zoeken moest. Ze kon wel in het wilde
weg gaan zoeken maar dat zou vast niet helpen. Toch besloot ze dat maar te
doen. Ze wist geen enkele andere manier. Daar liep ze dan in het elvenbos. Ze
wist niet eens of ze hier wel moest zijn maar toch was er iets wat haar hier
naartoe leidde. Alsof ze wel wist dat ze hier moest zijn, maar dat dan niet
geheel door had. En na ongeveer twintig minuten lopen had ze hem inderdaad
gevonden. Bruni lag gewoon op de grond de slapen. Iets wat uitzonderlijk was
voor een draak. Er kwam zelfs vuur uit zijn neus gaten wat eigenlijk het hele
bos in brand zou kunnen zetten. Bruni scheen te merken dat er nog iemand was
want hij stond meteen op.
,,Destiny?! Wat doe jij hier?" vroeg hij geschrokken.
Destiny keek naar de grond. Nu ze hier zo stond was het moeilijker om afscheid
te nemen dan ze eigenlijk gedacht had. Ze kende Bruni nu al zolang, net als
Kalisto was hij altijd een deel van haar leven geweest. En dat moest ze nu
zomaar achter laten. Het was allemaal heel moeilijk voor haar. Maar toch was ze
verplicht dit alles te doen. Ze moest meer antwoorden weten dat moest gewoon.
,,Ik... ik ga weg van hier. Ik moet dingen doen, dingen die ik niet zeggen
kan," zei Destiny.
,,Weg? Maar je bent niet veilig buiten het elvenrijk. Ze vermoorden je!"
riep Bruni bezorgd.
,,Net of ik hier wel veilig ben." zei Destiny. Het was even stil. Bruni
scheen te beseffen dat Destiny daar gelijk in had.
,,Ik ga je missen," zei Bruni.
Destiny's gezicht stond weer vol met tranen. Nu omdat ze haar twee beste
vrienden waar van een ook nog haar grote liefde was missen moest. Zelfs Bruni
scheen zijn tranen niet in te kunnen houden. Iets wat voor draken heel
uitzonderlijk was.
,,Ik wil je wat geven.." zei Bruni. Hij pakte een prachtig gouden fluitje.
,,Is dat voor mij?!" vroeg Destiny zich af.
,,Ja, ik waarschuw je.. blaas er alleen op als je in nood komt. Dan ben ik er
om je te redden," zei hij.
Destiny stond met haar mond open. Wat waren Bruni en Kalisto toch lief voor
haar. Maar ze wist dat ze ze moest verlaten. Anders zou het niet goed eindigen
met Destiny. Dat was niet zo moeilijk om te raden.
,,Dan ga ik maar," zei Destiny totaal in tranen.
Bruni zwaaide. En toen... voor de eerste keer in haar leven gaf ze Bruni een
knuffel.
De tranen
liepen nog steeds over Destiny's wangen. Hoe hard ze ook probeerde ze te
stoppen met huilen het wilde maar niet lukken. Destiny wist maar al te goed dat
ze Kalisto en Bruni voor een hele lange tijd niet zou kunnen zien. En ze miste
ze nu al. Meer dan ze gedacht had, meer dan zo ongeveer mogelijk was. Maar ze
moest dit doen! Dit was haar grote kans om geaccepteerd te worden en eindelijk
achter de waarheid te komen. Die mocht ze gewoon niet laten liggen. Ze kon hem
niet laten liggen. Anders zou er waarschijnlijk snel geen Destiny meer zijn,
wat betekende dat zij en Kalisto helemaal geen toekomst hadden. Of ze dat nu
hadden kon Destiny natuurlijk ook niet zeggen. Het lot was het lot en dat kon
moeilijk veranderd worden. Maar Destiny zou er alles aan doen om een toekomst
met haar geliefde op te kunnen bouwen. Ze wist dat het bijna onmogelijk was,
maar ze ging er voor vechten. Zo goed als ze kon. Ze ging er alles voor geven.
Dit moest gewoon lukken, het moest gewoon! Het zou wat tijd kosten, veel tijd.
Maar Destiny had het er voor over. Ze moest wel, anders kon ze haar tijd
misschien wel nergens meer in steken. Eigenlijk had ze na Magic's hut geen idee
waar ze naartoe ging, maar dat zag ze dan weer wel. Eerst was het de bedoeling
dat ze daar kwam. Ze zou dan wel zien wat ze doen ging. Ze zou er allemaal
achter komen , dat wist ze zowat zeker. En als dat niet gebeurde.... dan wist
ze dus niet wat ze doen moest. Dat gevoel liet haar net gekregen hoop weer
ongelofelijk veel zakken. Wat als het echt niet lukte? Wat als het fataal mis
zou gaan? Destiny zag het al helemaal voor zich. De elven die haar betrapte bij
Magic's hut, meneer Philo die haar tot de doodstraf veroordeelde, Kalisto die
als straf haar vermoorden moest... Destiny wilde er bijna van gaan schreeuwen
maar ze wist dat dat haar alleen maar betrappen zou. Ze was nu al zo ver
gekomen, ze was zelfs bijna bij Magic's hut! Nee, ze mocht nu niet opgeven
zelfs al zou al dat verschrikkelijke gebeuren waar ze net zomaar opgekomen was.
Het kon natuurlijk mis gaan, maar ook goed. Okè,daar was dan wel een kleinere
kans op. Maar toch, je wist maar nooit. Toch was Destiny erg geschrokken toen
ze zich had voorgestelt hoe het ook kon gaan. Stel dat Kalisto haar echt
vermoorden moest, hoe zou hij zich dan voelen? En hij moest natuurlijk wel
opvolger van zijn vader worden, maar wie werd dan zijn vrouw? Of had Kalisto
maar gelogen daarnet? Natuurlijk niet! Hoe kon ze dat nou zomaar denken?!
Kalisto zou nooit en ten nimmer tegen haar liegen, dat wist ze zowat zeker.
Zijn ogen hadden zoveel waarheid gesproken... het kon gewoon geen leugen zijn!
Trouwens ze had nu helemaal geen tijd om na te denken of Kalisto loog of niet,
ze moest zo snel mogelijk bij Magic's hut zijn. Ze had het nu al uitgesteld,
maar ze kon gewoon geen dag langer wachten! Dan zou het allemaal mis gaan,
waarschijnlijk zou ze niet eens een queeste kunnen ondernemen. En dat mocht
niet gebeuren. Als dat gebeuren zou.. nou ja, dan zou het gewoon gebeuren
natuurlijk maar dan zag het er niet goed voor Destiny uit. Totaal niet goed
zelfs. Dan zou ze waarschijnlijk nog tot de dood vooroordeeld worden en moest
Kalisto haar misschien ook wel vermoorden. Destiny huiverde voor de tweede keer
bij die gedachte. Als dat gebeuren zou dan was het lot wel heel erg
afgrijselijk. Kil zelfs... Ze wist niet precies wie het lot bepaalde(er werd
gefluisterd dat de geest van Magic dat deed, maar er waren er ook weer die
zeiden dat het de op een na wijste elf was), maar als dat haar lot moest zijn
was het een zeer kil persoon. Toch had Destiny zo'n idee dat ze er nog wel
achter zou komen wie het lot bepaalde...
Daar stond ze dan! Destiny keek vol bewondering naar Magic's hut. Hij lag nog
niet eens zo heel hoog, minder hoog dan alle andere. Maar toch was het de
mooiste hut die Destiny ooit gezien had. Ze kon niet goed beschrijven waarom.
Veel andere dingen dan de normale hutten waren er niet. Hij was tamelijk simpel
maar als je goed keek kon je allemaal glitters op de muren zien zitten.
Glitters in allerlei kleuren. Roze,rood,zilver,goud,blauw,groen,geel en oranje.
Het was er allemaal aanwezig en Destiny kreeg er een warm gevoel van. Maar nu
had ze nog een ander probleem. Hoe ging ze in godsnaam daar boven komen? Ze kon
niet vliegen. Dat was een groot feit. Maar had mevrouw Philo ook niet vertelt
dat Magic's vleugels ook niet echt waren? Destiny wist het niet goed meer maar
ze had zo'n vermoeden dat mevrouw Philo dat inderdaad gezegd had. Maar hoe kon
ze dan in Magic's hut komen? Ze had echt totaal geen idee. Met twijfels legde
ze haar handen tegen de boom en begon zomaar te voelen. Je kon nooit weten wat
er daar dan zat. Misschien zou het wel een manier zijn om binnen te komen. En
ja hoor, daar voelde Magic iets. Het was een ladder! Een touwenladder. Ze kon
hem alleen niet zien. Maar toen ze hem eenmaal vast had werd ze er ineens door
een ontzichtbare kracht op gezet. Destiny wilde het uitgillen, maar wist zich
weer op tijd in te houden. Ze had nu al zoveel gilmomenten in moeten houden en
ze wist dat dat zeker nog meer gingen worden. Zo had ze na die gedachte al weer
zo'n moment; het leek wel of ze door een ontzichtbare kracht de trap op geduwd
werd. En daar stond ze dan! Wat eerst moeilijk geleken had bleek dus heel erg
makkelijk te zijn. Een grote meevaller. De ladder was al gelijk in de hut
terechtgekomen. Zover ze die dan had kunnen zien. Nu zag ze hem wel, hij
bestond uit dezelfde glitters die op de buitenkant van de hut stonden.
Vol
verbazing keek Destiny naar Magic's hut. Hij was prachtig, maar niet zoals ze
hem verwacht had. Hij was niet zoals het enorme paleis van de familie Philo,
ookal was dat niet eens een hut. Nee, het was klein maar toch adembenemend
mooi. En ook ontzettend gezellig. Magic had goed met allerlei lichten gespeelt.
Al haar spullen werden belicht door verschillende dingen. Destiny probeerde zo
stil mogelijk te doen. Niet dat ze geloofde dat er nog iemand anders in deze
hut was. Maar je kon het nooit weten! Zeker in een hut van iemand die zo
machtig geweest was als Magic. Dus voor de zekerheid moest ze wel. Eigenlijk
wist Destiny nu niet goed wat ze doen moest. Er was zoveel in een redelijk
kleine ruimte gepropt dat ze niet goed wist waar ze beginnen moest. Toch
besloot ze bij de boeken te beginnen. Die stonden vlak bij het punt waar zij nu
stond dus was dat het makkelijkste om stil te blijven. Iets wat onzeker pakte
ze een boek van de plank. Dromendagboek stond in een prachtig handschrift op de
voorkant van het bruine oude boek. Nieuwsgieriger dan ooit bladerde Destiny het
boek door.
Vandaag weer een droom over de onheil. Misschien wel de belangrijkste van
allemaal. Deze keer ging het verder dan de bosjes.. deze keer zag ik ook
daadwerkelijk wat erin lag! Het was een prachtig wezen, precies een elf. Maar
ik weet dat het geen elf was.. Maar zij zullen dat niet weten. De oorlog zal
los breken. Hutten zullen verbranden en de vrede zal over zijn. Iedereen zal
huilen. De hel zal losbreken en iedereen zal het onschuldige wezen beschuldigen
van iets gevaarlijks. Maar ik kan mijn lot niet in de weg staan dromendagboek.
Het moet gebeuren, dat moet gewoon. Het gebeurt gewoon of ik het nou wil of
niet. Maar toch zal ik er tegen vechten. Ookal weet ik dat het niet anders
kan... Ik weet dat het wezen Fantaisië moet betreden. Dat snap ik allemaal.
Alleen ik snap het, de andere snappen er totaal niets van. Ze geven mij geen
gelijk, niemand doet dat. Maar het zal gaan zoals ik het zeg. Dat weten alleen
jij en ik. Het is verplicht het is... De rest kon Destiny niet meer lezen
omdat ze ter plekke bewusteloos viel...
,,Destiny?" vroeg een stem. De stem klonk zo betrouwbaar maar toch ook zo
onbekend.
,,Destiny ben je daar?" vroeg de stem weer. Het stemgeluid was prachtig.
Alleen al de woorden waren kunstwerken op zich. Het was een vrouwenstem dat was
zeker.
Destiny deed haar ogen open. Maar ze was helemaal niet meer in Magic's hut
zoals ze verwacht had. Het was er totaal anders maar toch had het dezelfde
schoonheid als de hut. Het was mooier dan het elvenbos en zelfs mooier dan het
dorpsplein in het elvendorp. Alles was gewoonweg perfect. Overal waar ze kijken
kon waren er bloemen. Rozen,margrietjes,crysanten en nog duizenden soorten
meer. De lucht was geweldig blauw met prachtige witte wolken. Destiny stond op
en liep naar een bosje rozen. Maar toen ze achter zich keek zag ze helemaal
geen voetstappen meer op de planten staan. Er was ook geen afdruk te zien waar
Destiny gelegen had. Alles was er even prachtig als het geweest moest zijn toen
Destiny er niet geweest was. Het leek wel of alles omringt werd door prachtige
strerrentjes. Een beeld waar Destiny even aan moest wennen. Ze wist niet goed
wat ze doen moest.
,,Ah daar ben je," zei die stem weer. Er was behalve Destiny niemand
anders te zien...
,,Wie bent U?" vroeg Destiny zenuwwachtig. Haar angst was goed te horen,
maar dat liet Destiny niet weerhouden de vraag toch te stellen. Ze moest het
namelijk weten. Dit alles was geen toeval, ze wist niet eens waar ze nou was,
maar dit kon geen toeval zijn dat ze hier nu ineens beland was. Ze moest alles
weten over deze plek, het kon allemaal zomaar een aanwijzing zijn. Dat wist ze
wel zeker.
,,Daar zul je wel achter komen," zei de stem weer.
Waar kende ze die stem toch van? Ze wist zowat zeker dat ze hem kende, maar
waarvan kwam maar niet in haar op. En daar baalde ze van, het kon namelijk wel
eens heel belangrijk zijn. Was het de stem van mevrouw Philo niet? Nee, die
klonk iets lager. Of misschien van een van die elven die dachten dat ze beter
waren dan haar. Nee, waarschijnlijk niet. Het zou kunnen maar Destiny geloofde
daar niet in. Maar wie was het dan? En het belangrijkste was nog waarom praatte
er iemand tegen haar terwijl de persoon niet eens zichtbaar was?
,,Waar ben ik nu?" vroeg Destiny nieuwsgierig. Haar angst was al voor een
groot deel gezakt ookal voelde ze hem nog steeds borrerelen in haar buik.
,,Geloof me, dat wil je nu nog niet eens weten," de stem klonk plotseling
mysterieus.
Destiny bedacht waarom ze dat niet zou willen weten. Was deze plek dan toch
niet zo mooi als het leek? Was het allemaal een ilussie ofzoiets?
,,Kijk eens in de bosjes," zei de stem nog mysterieuzer dan bij de vorige
uitspraak.
Destiny deed maar wat er haar gevraagd werd. Ze wist niet wat ze anders moest
doen. Toen ze liep verschenen er weeral geen voetstappen in het gras, en de
bloemen waar maar niet kapot te trappen. Het was nog een redelijk eind lopen
naar de bosjes, meer dan dat het eerst geleken had. Maar Destiny deed het, maar
het kon een list zijn. Dat besefte ze maar al te goed. Maar ook vond ze dat ze
dit risico maar moest nemen.
Daar stond ze dan. Iets wat onzeker begon ze maar in de bosjes te gaan kijken.
Ze wist totaal niet wat ze aan zou treffen. Misschien was het wel een mes waar
ze recht met haar handen in zou pakken. Maar toen voelde Destiny iets! Het was
zacht en redelijk klein. Oh mijn god.. het bewoog! Destiny deed de bosjes open
om te kijken wat het was. Het was... het was een baby. Destiny kreeg gelijk
medelijden. Waarom legde iemand dat hier neer? Was je dan niet gestoord als je
dat deed? De baby deed eindelijk haar ogen open. Maar dat kon niet! Het was
gewoon niet mogenlijk. Nee, dit kon niet waar zijn. Destiny herkende die ogen,
het waren namelijk haar ogen. Maar dat betekende dat zij die baby was...
Oh mijn god!
Dan moest dit het vroegere Fantaisië zijn. Maar dat kon niet... dat bestond
niet. Destiny kende veel krachten maar ze had nog nooit gehoord dat iemand
mensen naar het verleden toe sturen kon. En dit kon ook geen droom zijn. Dat
bestond gewoon niet. Maar wat was er dan aan de hand? Hoe kon het dan dat ze
hier zomaar terecht was gekomen? Destiny wist dat haar ogen angst uit straalde,
maar daar gaf ze nu even niets om. Ze wilde hier niet meer zijn, ze had nu wel
genoeg gezien. Maar aan de andere kant moest ze ook weten wat er precies
gebeurt was. Ze kon zich er namelijk bijna niks meer van herrinderen. Nu juist
terwijl dit een belangrijk punt in haar leven was geweest. Destiny besefte dat
ze zichzelf nog steeds in haar handen had. Iets wat haar een raar gevoel gaf.
Het liefst zou ze de baby meenemen en hem behouden voor de verschrikkelijke
toekomst die haar te wachten stond. Maar aan de andere kant... dan zou ze
Kalisto vast nooit ontmoeten. Want als Destiny zichzelf meenam zou alles
veranderen. Dat kon ze ook nog wel bedenken. Vast niemand zou haar vinden en
het aller ergste was dan wel dat ze misschien niet meer bestaan zou. Dan had ze
nog liever een rampzalig bestaan dan helemaal geen bestaan. Haar hoop bleef
namelijk altijd in haar hart. Kalisto zou ze nooit meer van haar leven
vergeten, of ze hem nou ooit nog eens terug zou zien of niet. Dat wist ze
zeker, zo ongeveer een van de weinige dingen die ze zeker wist. Destiny
twijfelde of ze zichzelf toch wel echt terug moest leggen. Had ze dan geen
recht op een betere toekomst? Natuurlijk had ze dat! Ze kon toch ook gewoon
zorgen dat ze de baby hoogst persoonlijk weg bracht bij iemand waarvan ze wist
dat die er goed voor zorgen zou. Maar kon ze dat wel doen? Stel dat er wat mis
ging? Zou dan heel haar toekomst nog erger zijn dan hij nu al was? Nee, het
risico was te groot. Deze stap mocht ze gewoon niet nemen. Hoe verleidelijk het
ook was, ze kon het gewoon niet maken. Het was teveel gevraagd, misschien zelfs
wel veel te veel. Daarom legde ze zichzelf terug. Zonder dat ze het zelf scheen
te merken liet ze haar kleinere zelf zichtbaar achter. Ze had het allemaal niet
door, er bestond ook nog zoiets als een lot in Fantaisië. En dit alles was haar
lot, iets waar je niet mee gaan spelen moest. Tot nu toe had ze nog geen spijt
van haar beslissing. Ze wilde hier snel weg, maar gek genoeg zag ze geen uit
weg. Zou ze door de bosjes heen moeten? Destiny wist niet of ze dat risico wel
lopen kon. Straks zouden er allemaal enge wezens achter die bosjes zitten?
Misschien was dit wel een soort van poort tussen Fantaisië en een andere
wereld. Nee, hoe kon ze dat nou denken. Natuurlijk was dat niet zo. Fantaisië
was de enige echte wereld, het enige universum en daarmee ook het machtigste
wat er bestond. Dat was een van de dingen die Destiny op elvenschool wel had
kunnen leren. Al die wijzen zouden het toch niet fout hebben gehad?
Ineens hoorde Destiny een keiharde schreeuw. Het deed haar meteen opwekken uit
al haar gedachtes. Die stem kende ze, ze wist alleen niet waarvan! Maar toch
had ze zo'n vermoeden dat het Magic was. Alleen wist ze niet meer waar ze haar
stem ooit gehoord zou moeten hebben. Ach, wat deed het er ook toe. Ze moest
kijken wat er aan de hand was! Ineens was er wel een uitgang te vinden. Het
viel allemaal precies in het plaatje, alles leek hier wel gepland. Al snel
genoeg kwam Destiny bij Magic's hut. Hij zag er nog steeds even mooi uit als
een uur geleden. Misschien zelfs nog wel mooier. Destiny wist niet of ze nou
wel naar binnen moest gaan. Wie weet was Magic wel helemaal niet alleen
gestorven. Alles ging ineens in vogelvlucht. Net of er iemand op de
versnellingsknop had gedrukt.
Destiny hoefde niet eens meer naar binnen te gaan, er kwamen namelijk mensen
naar buiten! Zo snel als maar mogelijk was rende ze naar de bosjes en besloot
er achter te gaan schuilen. Ze moest weten wat er gebeurt was en wie er uit
kwamen. Dat was ze verplicht tegenover zichzelf. Ze moest het weten, ten koste
wat dan ook.
Eindelijk! Daar zag ze wat. En weer kwam ze voor de zoveelste verassing te
staan. Het leek net of haar wereld instortte of beter gezegd... Kalisto's
wereld. Dit kon niet waar zijn! Dit bestond niet, dit kon niet... er was geen
manier. Daar liep meneer Philo. Met in zijn handen een tegenstribbelde vrouw.
Haar kleren spraken macht uit, maar haar uitdrukking was eerder machteloos. Dat
moest Magic zijn! Maar dat kon ook niet... Magic was toch overleden in haar
eigen hut? Dat was Destiny altijd wijs gemaakt. Destiny was in shock en had
daarom ook niet door dat er iemand achter haar stond....
,,Destiny," fluisterde een stem zo zacht dat het bijna niet te horen was.
Maar Destiny hoorde het wel, maar al te goed zelfs. Ze kende die stem! Het was
de stem die daarnet heel de tijd tegen haar had zitten praten en de antwoorden
op haar vragen niet wilde geven. Destiny wist niet goed wat ze hiermee aan
moest. Als ze zich om zou draaien zou dat misschien opvallen bij de vijand. Dit
hele gedoe was nog moeilijker dan die elven op school negeren! Als ze nu
namelijk gepakt werd dan zou haar leven snel over zijn. Wat dus betekende dat
ze Kalisto nooit meer zou kunnen zien. Zelfs niet meer praten, waarschijnlijk
zou ze geen enkele glimp meer van hem opvangen! Of nog erger.. haar nachtmerrie
zou misschien wel ontkomen. Haar nachtmerrie waarin ze Kalisto zag die haar
zelf vermoorden moest. Wie weet wat er allemaal gebeuren kon? Nee, het was te
gevaarlijk om zich nu al om te draaien. Wie er dan ook achter haar zou staan.
Ze kon het niet, ze mocht het niet van zichzelf. Om deze missie te laten slagen
zou ze zeker risico's moeten nemen maar ze wist ook dat ze voorzichtig moest
zijn. Daarom besloot ze de stem totaal te negeren. Ze moest wel, wie het ook
zijn mocht. Toch kon ze haar nieuwsgierigheid maar moeilijk onderdrukken.
Eigenlijk had Destiny niet gedacht dat deze missie nu al zo zwaar zou zijn.
Daar stond ze dan, midden in de prikkelende bosjes met benen die er nu al niet
meer uit zagen! En dat was nog niet het ergste, nee ze deden nog eens
verschrikkelijk pijn ook! De pijn kon makkelijk tippen aan messteken in haar
arm. Niet dat ze die ooit gehad had, maar toch... de pijn van de bosjes was zo
hels dat het een wonder zou zijn als ze na een half uur niet heel haar benen
verloren had. Maar toch ze moest weten wat er hier aan de hand was! De spijt
die ze anders achteraf zou krijgen was haar meer waard dan haar benen. Veel
meer waard, want Destiny kreeg zo'n idee dat ze zonder die informatie echt niet
te weten zou krijgen wat er gebeurt was. Ze zou hier moeten wachten tot haar
benen afgestorven waren of misschien nog wel erger. Maar waarschijnlijk zou dat
allemaal niet zo blijven, dit was namelijk het verleden en haar benen zouden
dan waarschijnlijk in de toekomst niet kapot zijn omdat het iets was wat in het
verleden gebeurt was. Of zag ze dat nu verkeerd? Waarom had ze dan ook niet
opgelet met zulke lessen? Natuurlijk net nu ze ze nodig had! Waarom had ze nou
ook niet opgelet?! Ze wist het antwoord eigenlijk wel, maar ze wilde het niet weten.
Ze wilde niet terug denken aan de verschrikkelijke tijden dat ze gepest werd op
school. Dat mocht ze niet, vanaf nu was die tijd verboden terrein. De enige
dingen waar ze nu nog aan mocht denken was Kalisto en haar missie! De rest was
verleden tijd en hoefde niet meer opgehaalt te worden. De herrinderingen waren
te pijnlijk, maar toch waren ze ook de voornaamste reden dat Destiny verder
wilde met deze missie. De mannen liepen steeds verder van haar weg maar Destiny
was te bang om te bewegen. Wie weet kwamen ze wel terug en dan was ze weer te
laat!
,,Destiny ze komen niet meer terug," zei de vrouwenstem achter haar.
Koppig als ze was bleef ze toch staan, ze kwamen wel terug! Het kon niet
anders, ze moesten terug komen. Magic was gestorven in haar hut, dat wist ze
zeker! Al die elven in het elvendorp hadden over veel gelogen maar over Magic
toch niet? Of wisten ze het zelf echt niet? Dat zou natuurlijk ook nog kunnen.
Nee, ze moest hier blijven staan!
,,Geloof me nou maar, ik kan het echt weten," zei de stem weer. Ze zei het
op een overtuigende toon, een bijna smekende toon maar toch heel machtig.
Destiny werd toch wel nieuwsgierig. Wist deze persoon dan toch meer? Destiny
besloot de gok er dan toch maar op te wagen. Wat kon ze immers verliezen? Die
vraag wilde ze liever niet beantwoorden omdat er eigenlijk niks zeker was. Het
was allemaal maar een gok, er was niets zeker in deze mysterieuze missie. En
deze gok besloot Destiny dan toch maar te nemen. Ze draaide zich om en gelijk
begon Destiny te twijfelen of dit wel echt was. Dit kon niet, het bestond
gewoon niet! Als er een ding niet waar kon zijn dan was dit het wel. Recht voor
haar stond de vrouw die net werd weggesleept. Het was Magic!
Destiny
schudde haar hoofd. Dit kon niet waar zijn! Van alle mysteries die ze nu al had
meegemaakt was deze toch echt te gek. Dit kon niet, het bestond gewoon echt
niet! Er was echt geen mogelijkheid. Magic hoorde dood te zijn, dood! En dan
kwam er ook nog eens bij dat Destiny net had gezien dat ze ontvoerd werd door twee
mannen. Nee, dit moest wel een droom zijn. Dat kon gewoon niet anders! Er
konden rare dingen gebeuren, onverklaarbare zelfs. Maar zulke rare dingen als
dit leek Destiny toch wel erg sterk. Het bestond gewoon niet! Magic kon niet op
twee plaatsen tegelijk zijn. Kon ze? Natuurlijk, Magic was enorm machtig maar
het bestond gewoon niet dat iemand op twee plaatsen tegelijk kon zijn. Dat was
tegen de wetten van de Natuur. Hoe was dit mogelijk? Was dit misschien een
hallicunatie? Of was Magic helemaal niet meegenomen door twee andere mannen
maar had ze zich dat dan allemaal maar verbeeld? De omgeving was nog steeds
even mooi als toen ze aan kwam. Ook Magic was een prachtige verschijning. Dat
moest Destiny toegeven, ondanks dat ze toch eerder voor jongens koos. Eigenlijk
was ze wel een beetje jaloers op Magic. Ze was zo prachtig en haar uitstraling
straalde totale macht uit. Een echte royale vorstin was het. Een vorstin van
wie haar koninkrijk zo juist van haar was afgepakt. Maar daar leek ze niet
minder mooi door. Niet dat Destiny dat kon weten, maar het kon gewoon niet dat
ze in haar tijden van macht nog knapper geweest was. Magic deed Destiny een
beetje aan Kalisto denken. Lieve Kalisto,knappe Kalisto,haar Kalisto! De
Kalisto die voor altijd in haar hart zou blijven. De Kalisto die ze nu al miste
alsof ze hem eeuwen niet gezien had. Ooit zou hij ook machtig worden, dat was
een groot feit. En Destiny hoopte dan met heel haar hart dat zij naast hem zou
staan. Eindelijk geaccepteerd door de bewoners van Fantaisië. Haar missie zou
dan met succes geslaagd zijn. En dan was ze er natuurlijk ook achter gekomen
waarom Magic hier stond.
,,Maar hoe... wat... waarom?" kwam Destiny totaal niet uit haar woorden.
Het was nog steeds te raar voor woorden. Magic had gewoon geweten hoe ze de
wetten der Natuur omzeilen kon! Voor zover Destiny had opgelet wist ze dat
zoiets eigenlijk gewoon niet mogelijk was. Maar Magic had het toch voor elkaar
gekregen. Of er moest een andere verklaring zijn dat ze op twee plaatsen zijn
kon.
Magic glimlachte alleen maar. Zelfs haar glimlach straalde macht uit. Maar niet
die van een titan of een gevreesde vorst, maar die van een rechtvaardige en
perfecte koningin.
,,Alles op zijn tijd Destiny, alles op zijn tijd," zei ze.
Alles op zijn tijd?! Alles op zijn tijd?! Had ze nu niet al lang genoeg
gewacht. Magic had haar gewoon een hartaanval bezorgd zo op twee plaatsen
tegelijk te zijn. Iets wat echt onmogelijk kon. Maar toch had ze het gedaan. Of
er moest een andere onverklaarbare manier zijn dat ze op twee plaatsen was. Was
die er? Bestond er misschien een mogelijke manier dat ze eigenlijk helemaal
niet op twee plaatsen was geweest?
,,Maar eerst iets wat niet kan wachten Destiny. Duidelijk niet! Kom maar
mee," bracht Magic Destiny uit haar gedachten. Magic liep steeds verder de
bosjes in en Destiny begon blij te worden dat haar benen eindelijk uit die
verschrikkelijke struiken waren. Maar aan de andere kant kon ze Magic wel
vertrouwen? Was het Magic wel? Of was het allemaal maar een illussie, een
goedgelukte verbeelding? Zat het allemaal maar tussen haar oren? Destiny wist
het niet, maar ze wist wel dat ze nu niet meer terug kon. Ze had dit risico nu
eenmaal genomen en daar moest ze nu misschien de zure vruchten van plukken. Als
dat zo was dan was dat zo. Er was dan ook niks meer wat Destiny er aan
veranderen kon. Ze moest dit doen! Speciaal voor Kalisto. En natuurlijk ook wel
een beetje voor zichzelf. Wat Magic dan ook te zeggen had, het zou vast
belangrijk zijn. Dat kon niet anders. Ookal zou ze zeggen dat ze Magic niet was
en Destiny nu officieel ontvoerd was, dan was dat nog belangrijke informatie.
Ookal leek het Destiny wel een beetje lastig als ze echt ontvoerd werd in het
verleden. Zou iemand haar dan nog kunnen vinden? Of zou ze hier dan voor eeuwig
vast zitten? Gedoemd in de toekomst niet meer te bestaan? Zou dat echt haar lot
moeten zijn? En zou haar belofte aan Kalisto dan zomaar in duigen vallen? Was
dat echt de bedoeling? Destiny geloofde daar niet in. Nee, wat er ook gebeuren
zou, Kalisto en zij zouden bij elkaar blijven. Ze hoorden gewoon elkaar, dat
was een van die feiten in het leven. Ze vulde elkaar perfect aan en hadden ook
veel dezelfde hobby's. En allebei zouden ze wachten. Wachten tot het geweldige
moment dat ze elkaar weer terug zouden zien. Ze wist dat dat nog lang duren
zou. Maar ze wist ook dat ze allebei zouden wachten. Ookal zou het 100 lentes
duren! Ze hadden het beloofd, ze hadden een belofte gemaakt. En Destiny wist
gewoon dat ze die belofte allebei niet zouden verbreken. Ze hielden namelijk
veel te veel van elkaar.
Ineens stopte Magic. Ze stond weer precies op de plek waar het hele avontuur
begonnen was. Het prachtige weitje vol bloemen was nog steeds even prachtig,
maar toch ontbrak er een spoor van magie. Destiny had namelijk uitgevonden wie
Magic was en hoe ze er uit had gezien. Ook kon ze haar stem herkennen. Maar ze
wist ook dat ze er nog lang niet was. En misschien was ze wel dicht op weg naar
haar tweede belangrijke aanwijzing. Wie zou het zeggen? Destiny voelde dat er
nu iets belangrijks aan komen ging. Alleen wist ze
nog niet goed wat. Maar daar zou ze snel genoeg achter komen...
Magic ging
rustig op een boomstronk zitten. Ze nam alle tijd net alsof er niets aan de
hand was. En voor haar was dat misschien ook wel zo. Misschien was dit wel de
alledaagse kost in het wonderlijke leven van Magic. Destiny wist het niet maar
ze wist wist wel dat dit één van de dingen was waar ze niet achter komen zou.
Want of Magic nou eigenlijk later vermoord was of ze een geheime tweelingszus
had maakte niet uit. Wat Magic namelijk nu zou gaan zeggen was veel
belangrijker. Dat beweerde Magic zelf tenminste. En als iemand het zou moeten
weten dan was Magic het wel. Dat kon gewoon niet anders. Deze hele missie leek
tot nu toe juist alleen nog maar om haar te gaan. En Destiny hoopte dat ze er
zo snel mogelijk achter zou komen waarom dat precies zo was. Want ze hield het
niet meer! Ze wilde zo graag weten wat Magic nou precies te vertellen had. En
dat was nog niet alles. Ze kon ook niet wachten tot ze wist wat die hele twee
Magic's truc te betekenen had. Maar ze werd steeds banger dat ze dat misschien
wel nooit meer te weten zou komen. Want met hoe weinig woorden Magic ook kon
duidelijk maken dat dat niet belangrijk was, des te minder Destiny dat ging
geloven. Volgens haar was het gewoon belangrijk, alleen wist ze niet zo goed
waarom. Eerst waren er nu andere dingen aan de orde, dat was zo ongeveer wat
Magic gezegd had. Maar wat waren die dingen dan? En waarom deed Magic net of ze
er alle tijd voor had? Was ze niet net gewoon ontvoerd?! Of was het allemaal
maar bedrog geweest? Destiny wist echt totaal niet meer wat ze denken moest. Al
die informatie was ook zo snel op haar afgekomen. Het werd haar allemaal gewoon
teveel, maar dat had ze ook aan zichzelf te danken. Maar ze moest door gaan met
haar missie. Ze mocht nu nog niet opgeven. Nog lang niet zelfs. Dit was nog maar
het begin, het begin van wat een onvergetelijke reis zou worden. Het zou zwaar
worden, dat was zeker. Maar toch moest ze dit doen! Destiny begon nu
langzamerhand te beseffen dat niet alleen haar eigen lot hier van af hing maar
ook het lot van heel Fantaisië.
,,Ben je er klaar voor?" vroeg Magic.
Destiny knikte. En of ze er klaar voor was. Destiny kon zich niet herrinderen
dat ze ergens meer klaar voor was. Ze wilde het weten, ze moest het gewoon
weten! Zelfs had nieuws zwaar tegen zou vallen dan was er nu nog steeds klaar
voor. Ze kon gewoon niet langer meer wachten. Als ze het nu niet horen ging
wist ze niet wat er gebeuren zou.
,,Okè, ik zal het proberen zo duidelijk mogelijk te vertellen, want geloof me
het is nogal gecompliceerd. Moeilijk dus, heel moeilijk!" gaf Magic alvast
aan.
Destiny knikte ongeduldig. Het kon haar niet schelen dat Magic dat zag en
misschien ook wel voelde, ze wilde het gewoon nu weten!
,,Je bent niet van hier Destiny. Je bent geen elf. Je bent anders, net zoals ik
dat ben."
Destiny's concentratie was volledig op Magic gericht. Wist zij meer van haar
afkomst? Kon zij het raadsel van haar bestaan misschien oplossen? De blik van
Destiny straalde hoop uit. Hoop dat het wel goed zou komen met haar missie.
,,We zijn mensen. Jij en ik, ik en jij. Voor de rest niemand. Jij en ik zijn de
enige mensen in Fantaisië. Allebei zijn wij door een poort gekomen. De Poort
Der Fanaa wel te verstaan. Het is een verbinding tussen de Aarde en Fantaisië.
Wij zijn niet de enige planeet in dit universum. Er zijn er meerdere, en niet
zo weinig ook! Ik heb mij gespecialiceerd in sterrenkunde en zo ben ik er
achter gekomen dat er ooit op een dag iemand uit de Aarde naar Fantaisië zou
komen. Net zoals ik hier gekomen ben. Alleen wist ik ook dat dat voor opschudding
zou zorgen. Ik heb mij zelf gericht op de toverkunsten, ik heb het geluk gehad
opgevoed te worden door een van de Wijzen der Elven. Ik kreeg de taak in mijn
schoot geworpen om Fantaisië te onderzien. Maar ik wist dat de tweede aankomst
van een mens alles in de war zou schoppen." zei Magic. Ze zei het allemaal
heel langzaam, zodat elk woord, elke letter tot Destiny door dringen zou.
,,Maar wie zijn die mensen dan?" vroeg Destiny verbaasd. Ze had ineens
zoveel meer vragen. Vragen waarop ze het antwoord allemaal vinden moest.
,,Ga naar de Poort Der Fanaa, daar zul je meer antwoorden vinden. De Poort is
op deze plek. In mijn hut zul je meer antwoorden vinden. Succes! Het ga je goed
Destiny. Het ga je goed."
En voordat Destiny het wist was ze alweer in de hut van Magic. Denkend over
alles wat haar zo juist gebeurt was.
Verbijsterd zat Destiny weer in de hut van Magic. Ze was alles nog even op een
rijtje te zetten. Er was dan ook zoveel informatie op haar afgekomen.
Informatie die allemaal belangrijk was. Ze was een mens! En ze was niet alleen,
er was iemand die net zoals zij was... Magic. Alleen wat was een mens en waar
kwamen de mensen dan vandaan? Voor zover Destiny wist was Fantaisië de enige
planeet in het universum, maar dat bleek dus niet zo te zijn. En de Aarde was
er een van. Maar wat was de Aarde? Waar lag het? En was er een andere manier om
er te komen dan door de Poort der Fanaa? Weer duizenden vragen erbij.
Vragen,vragen,vragen en nooit eens echte antwoorden. Elke keer als Destiny een
antwoord gekregen had kwamen er weer meer vragen bij. En ze was nog maar net
met haar missie begonnen! Er zouden nog zoveel meer vragen bijkomen en de
antwoorden natuurlijk ook, maar Destiny had nu al wel gezien dat dat een stuk
langzamer ging.
Met een diepe zucht besloot ze maar op te staan. Ze zou niet veel verder komen
als ze daar uren in die hut bleef zitten. Bovendien, misschien zou iemand haar
zelfs dan wel vinden. Want die mannen die Magic hadden “ontvoerd” moesten ook
in de hut zijn geweest. En wie zei dat ze toen al niet dood was? Dat Destiny
gewoon niet tegen haar geest gesproken had? Want dat kon natuurlijk ook. Maar
er waren zoveel oplossingen te bedenken, teveel voor een echt antwoord. Ze
moest afwachten, afwachten tot ze wat weer antwoorden had. Maar hoelang zou dat
nog duren? Weken,maanden,jaren,eeuwen? Destiny durfde het echt niet te zeggen.
Ze wist het niet en het werd ook steeds duidelijker dat ze dat niet zou doen.
Er kwamen gewoon teveel vragen bij, vragen die ze langzaam op moest lossen.
Destiny's hang gleed uit over de boeken die in de hut stonden. Ze probeerde
iets te vinden over de mensen. Het volk van Magic, het volk van zichzelf, van
Destiny Hagar. Officieel geen onbekend wezen meer, maar een mens! Ookal was dat
eigenlijk precies hetzelfde. Ze wist niet eens wie die mensen precies waren.
Magic was er een, dat was duidelijk. Maar wacht eens even! Hier klopte iets
niet. Waarom had ze daar in het verleden niet aangedacht? Als mevrouw Philo
echt Magic's zus was, dan moest zij ook een mens zijn. Maar Magic had gezegd
dat er maar twee mensen waren, Magic zelf en Destiny. Dus hoe zat het dan? Een
van de twee moest liegen. Dat kon gewoon niet anders. Maar wie? En waarom? Was
Magic toch echt wel een mens en was het niet gewoon iemand anders die daar gestaan
had? Kon dat, was dat mogenlijk? Was dat niet de oplossing waar ze de komende
uren nu al naar op zoek was? Steeds meer vragen en nog minder antwoorden. Alle
titels zeiden Destiny niks. Ze kon niets vinden over mensen en nog minder over
sterrenkunde. Er moest toch ergens een boek over te vinden zijn? Magic had
zichzelf er nog wel ingespecialiseerd! Zou er dan echt niks te vinden zijn?
Zelfs geen miezerig klein boekje over planeten of een tijdschrift waar een
artikel van nog geen bladzijde instond over mensen? Nee, duidelijk niet. Mensen
kenden ze hier niet. Ze wisten vast niet dat Magic er een was, laat staan dat
Destiny er een was. Met dat feit besloot Destiny toch maar naar de Poort van
Fanaa te gaan. Hopenlijk zou ze daar weer een aanwijzing aantreffen. Even kon
Destiny de verleiding niet weerstaan Kalisto op te zoeken. Maar dat mocht ze
niet, ze had het hem beloofd. Ze mocht niet terug komen sinds ze de klus
geklaart had. En dan had ze nog heel haar leven over om van hem te genieten. Zo
moest het gaan en Destiny twijfelde er niet over dat het ook zo zou gaan.